Rudie's en Irma's op reis

3 steden 3 landen

Nog een kleine week en dan zal ons vliegtuig ons brengen naar het volgende land Indonesië. Een lange stedentrip zal het worden, vanaf Johor Bahru in Maleisië naar de hoofdstad van het land Singapore om af te sluiten in de Indonesische hoofdstad Jakarta. Leuk voor mensen die al zoveel met grootte steden hebben.

Johor Bahru (JB) is de zuidelijkste stad gelegen op het schiereiland van Maleisië. In de boeken staat het niet bekend als een van de meest bruisende en schoonste steden van het land, maar wel als goede winkelstad en goedkope tegenhanger van het dure Singapore. Bij aankomst met de bus begon direct onze dagelijkse gevecht met de lokale transportbedrijven. Alle taxi´s worden op de busterminaal verenigd bij één loket. En zoals gewoonlijk zijn de bedragen die ze voor ons toeristen aanhouden vele malen hoger dan ze waard zijn. En aan onderhandelen doen ze niet want de toerist moet toch naar zijn eindbestemming en zal wel betalen. Na deze mensen vervloekt te hebben zijn we op zoek gegaan naar een andere manier om richting het centrum en ons hotel te komen. De bus werd het. Natuurlijk nergens een fatsoenlijke plattegrond met de buslijnen, maar de ´i´ van informatie werd gelukkig groot aangegeven dus maar even langs de toeristeninformatie. Omdat het toeristenhoogseizoen is en hier veel toeristen wellicht informatie willen inwinnen vond de informatiedesk dit het goede moment om zijn kantoor gesloten te houden, zodat er we weer met lege handen stonden. Na een tijd met een groot vraagteken boven onze hoofd rondgelopen te hebben, kwam er een aardige Maleisiër op ons af om te vragen waar we heen wilden en konden we eindelijk na een uur van dit onduidelijk busstation verder naar richting ons hotel.

Eenmaal aangekomen op het volgende busstation moesten we nog steeds opzoek naar ons hotel. Aangezien die niet op onze kaarten stond en wij ook niet geheel zeker waren waar deze zich exact bevind toch maar een taxi genomen. De prijs was netjes maar na misschien 2 minuten in de taxi te hebben gezeten stopte we al bij ons hotel, de nette prijs leek direct een stuk hoger. Maar voor Nederlandse begrippen hebben we het hier nog maar over minder dan 3 euro.

`s Avonds zijn we op zoek gegaan naar waarschijnlijk één van de interessantste dingen van JB, een enkele blokken lang tellende etensmarkt te breedte van een smalle steeg vol met hawkerstalls. Hier kan je voor een klein bedrag heerlijk smaakvol eten krijgen van alle bevolkingsgroepen die er in het land te vinden zijn, Chinees, Indisch en Islamitisch. Van eenvoudige maar smaakvolle burgers en curry´s tot vis en oesters. De eerste avond hebben we saté geprobeerd met een kommetje rijst en een echte kokosnoot als drinken. De tweede avond een gegrilde rog.

De volgende dag hebben we onze eigen stadswandeling in elkaar gezet en voordat we in het centrum waren werden we halt gehouden door een vrouw en een man met een camera en microfoon. Ze bleken van de BBC (tv zender) te zijn en wilden weten waarom wij in JB waren en wat wij van JB vonden en of wij het een goede tegenhanger van Singapore vonden. Na nog amper iets van de stad te hebben gezien konden we hier niet echt antwoord op geven, maar toch mochten we een interview afleggen voor de camera. Misschien worden we wel wereldberoemd!

Tijdens de wandeling kwamen we er snel achter dat de stad JB niet echt veel voorstelt. De meeste bezienswaardigheden hebben met de oude sultan van de stad te maken. Alleen was zijn museum aan het verbouwen en in het mooie grote park rondom het museum staan waarschuwingsborden met de aanwijzig dit park niet te betreden anders zal u neergeschoten worden. Dit is geen grap, maar serieus. De man met de machinegeweer stond klaar om te vuren.

Dus voor ons bleek Johor Bahru weer één van de zoveelste drukke smoksteden van Maleisië te zijn.

Nu was het tijd om naar het volgende land te gaan en tevens de volgende stad, Singapore. Vanuit Maleisie kan je in een bus stappen die pendelt tussen de twee landen en na je stempel aan de grens gaat de bus verder naar het centrum van Singapore. Vandaar zijn we met de metro richting ons hotel gegaan die zich in de rosse buurt van Singapore bevond.

Ons hotel bevond zich in deze mooie regio omdat goedkope hotels in het dure Singapore niet te vinden zijn. Gelukkig bleek de wijk mee te vallen en is er veel goedkoop eten te vinden en de buurt is met de metro zeer snel met het stadscentrum verbonden. Wel bevonden er zich behoorlijk veel mannen op straat, waaronder veel Indiers. Deze Indiers worden naar Singapore gehaald voor een paar jaar om de vieze, rotklusjes op te knappen waarvoor de Singaporaan zich te goed voelt. En in India wordt het gewoon gevonden om in elk ander land een nieuw schatje te hebben, terwijl je vrouw thuis zit.

Om Singapore te bekijken hadden we maar 1 dag waarbij de regen lichtelijk naar beneden kwam. We zijn begonnen in de duurste wijk, daar staat het vol met shoppingmalls met producten van de duurste merken die hier trouwens net zo duur waren als in Nederland. Wat in Singapore opviel waren de vele hoge flats en roltrappen. Maar dan ook roltrappen van .. meters lang en waar je meerdere minuten opstaat om boven te komen. Na de dure wijk zijn we richting Chinatown gegaan om een hapje te eten. Het grotendeel van de Singaporese bevolking bestaat uit Chinezen. Daar hebben we tussen de chinezen eten gehad wat voor ons niet helemaal weggelegd was. Ze zijn namelijk dol op organen en dan ook op alle organen. De bappao was zelfs met orgaanvlees gevuld. Na deze feestmaaltijd zijn we het oude gedeelte van de stad gaan bekijken en belanden in een Chinees/Aziatisch museum die enkele beelden van het terracottaleger tentoonstelde. Verder waren er veel Aziatische voorwerpen uit het verleden van Azië te bekijken. Erg leuk om te zien allemaal.

Na een dag Singapore was het tijd om het vliegtuig richting Jakarta te nemen. Dit is het eerste land waar wij voor ons visum moesten betalen. Er werd overal steeds vermeld dat je een retourticket moest laten zien en een Iraans gezin voor ons werd volledig doorgelicht over hun tickets. Omdat wij geen terugticket hadden en dus niet konden laten zien dat we het land ook weer zouden verlaten begonnen we hem aardig te knijpen. Dat bleek niet nodig te zijn, de beambte zette zonder een enkele vraag zo de stempel en nu konden we 30 dagen in Indonesië blijven. Om van het vliegveld af te komen zijn we met de bus gegaan richting een centraal treinstation in de buurt van ons hotel. Omdat we maar 2 nachten in Jakarta zouden blijven en daarna na Yogjakarta met de trein zouden gaan konden we op dit station alvast een kaartje boeken voor die rit.

Terwijl wij stonden te wachten op onze trein die als een metro rond de stad Jakarta rijdt zagen wij het verschil tussen ons zeer goedkope kaartjes en de nog goedkopere kaartjes. Onze trein, redelijk netjes met airco en nette stoelen en de goedkopere trein zonder ramen en deuren en de bekleding van de stoelen was ook niet veel. Deze treinen puilen in de spits zo uit dat de mensen uit de deuropeningen hingen en het dak van de trein ook druk bezet was.

Jakarta wordt in de meeste boeken omschreven als een voornamelijk vieze en drukke stad waarvan je als reiziger moeilijk kan houden. En na één dag kunnen wij dit redelijk beademen. Maar voor ons was de stad toch interessant genoeg om naar af te reizen. Omdat de geschiedenis van deze stad grotendeels samenvloeit met de Nederlandse. Vroeger was Batavia de grootste uitvalshaven van de Nederlandse VOC en van deze tijd staan nog enkele bouwwerken overeind. Jammer genoeg voor ons is door keuzes in de geschiedenis de stad in twee delen opgebouwd, en wij hadden maar één dag om dit te bekijken. Wij hebben gekozen voor het oude haven gedeelte Jakarta Kota. Hier bevinden zich meerdere oude Nederlandse koloniale bouwwerken zoals een stadhuis, de oude (zeer vervuilde) gracht en enkele oude grachtenpanden. Het feit waarom de Nederlanders vroeger het stadscentrum hebben verplaatst heeft alles te maken met de aangelegde gracht en z´n opslaghuizen. Waar dit in Amsterdam tot veel rijkdom heeft geleid bracht dit in het vroegere Batavia voornamelijk ziekten. Ze waren namelijk even vergeten dat de temperatuur met het water en de vele beschutting van de huizen een ideale broedplaats was voor de malariamug.

In enkele van de koloniale bouwwerken zitten tegenwoordig restaurants en musea die veel vertellen over de geschiedenis van de stad. Terwijl voor andere de tijd minder gunstig is geweest en deze staan dan ook op instorten. Na de regen in Singapore hadden we hier het geluk om ons op onafhankelijkheidsdag in de stad te bevinden. Hierdoor waren bijna alle museums gesloten en vroegen we ons ook af hoeveel oud zeer er nog onder de mensen aanwezig was. Want tenslotte wordt de onafhankelijkheid van Nederland gevierd, maar het viel gelukkig mee.

Na twee nachten konden we gelukkig de drukke en iets wat viezige Jakarta achter ons laten en ons opmaken voor de 9 uur durende treinrit naar de stad Yogyakarta.

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!