Rudie's en Irma's op reis

Centraal Thailand

Na een vlucht van 5 uur zijn we voor de tweede keer tijdens onze Azië-reis geland in Bangkok. Om naar het stadscentrum te komen, zouden we het nu eens anders aanpakken dan de vorige keer met de eenvoudige taxi. Volgens LP kon je met de bus. Ondanks dat er vele bordjes op het vliegveld staan hoe je naar de bushalte moest komen, bleken sommige elkaar tegen te spreken en was het zo makkelijk nog niet. Na vragen konden we de halte vinden en even later kwam de shuttlebus eraan. Na wat onzekerheid over de ware bestemming van de bus, kwam die toch aan op het busstation en zochten we de juiste buslijn. Maar deze lijn bestond niet meer, handig. Gelukkig had de toeristeninformatiebalie een notitie waarop stond welke lijnen we moesten nemen en kwamen we aan in Bangkok-city, ergens in de buurt van het toeristische Koh San road. Nu moesten we opzoek naar slaapruimte en na een tijd zoeken vonden we een guesthouse die als perfecte locatie voor het spelletje cluedo kon fungeren. Dit teakhouten guesthouse was qua interieur erg donker en authentiek en de verlichting was zeer sober. Onze slaapkamer bestond uit alleen maar antiek en de aankleding deed ons denken aan een van de moordlocaties voor een Agatha Cristieboek. Na een nacht hier te hebben geslapen op een bed hard genoeg om iemand daadwerkelijk te kunnen vermoorden (het moordwapen was gevonden), gingen we toch opzoek naar een andere slaaplocatie.

Voor een visumaanvraag voor Laos, moesten wij tijdelijk ons paspoort afstaan, waardoor we 5 dagen in Bangkok moesten blijven tot we de paspoorten weer konden ophalen. De vorige keer was Irma ziek geworden in Bangkok en hebben we niet veel kunnen zien, maar nu konden we wel de stad bekijken. Zo zijn we naar Chinatown geweest, waar het krioelde van de Chinezen. Allemaal verkoopkraampjes met eten (wat alles is blijft een raadsel), kleding, goud, schoenen of slippers. IJverig lopen of rennen de Chinezen rond, opzoek naar dat ene product of champignon die ze hard nodig zijn. We hebben onze ogen uitgekeken en vele nieuwe producten gezien en geroken (wat niet altijd even plezierig was). Naast Chinatown zijn we ook nog met de riviertaxi naar enkele van de bekende Wats van Bangkok geweest. Prachtige bouwwerken met van binnen allemaal een Buddha. Zittend, liggend of knielend. De Thai-en zijn er dol op. Bangkok blijft een zeer levendige en leuke stad, waar je veelzijdig kan eten en shoppen.

Eindelijk was het zover en konden we ons paspoort ophalen met een visum voor 30 dagen Laos. Wat je allemaal gedaan krijgt voor een beetje geld. Wij zijn vervolgens met de bus naar het noordelijk busstation van Bangkok gegaan om een kaartje te kopen naar de stad Ayutthaya. We dachten dat we met de bus zouden gaan, maar het bleek een minibusje te zijn. En wij hebben een haat-liefde verhouding met minibusjes. Bij het instappen begon het gezeur al, of wij wel even extra willen betalen voor de rugtassen. Er was geen bagageruimte aanwezig in het busje en dus moesten we onze tassen naast ons plaatsen op een ander zitplaats. De man probeerde ons duidelijk te maken in slecht Engels dat wij hiervoor extra moesten betalen, maar we hielden ons van de domme en uiteindelijk gaf hij de moed op. Vervolgens begon de man als een erkende formule 1 coureur te scheuren en probeerde hij onderweg extra reizigers te ronselen. Bijna bij elk bushokje of marktkoophal scheurde de man van de rechterbaan naar de linkerbaan, kijkend en toeterend of hij ook mensen mee kon nemen. Dit soms tot grootte ergernis van ons. Na een rit van 1 uur kwam er gelukkig een einde aan en konden we uitstappen in Ayutthaya.

Ayutthaya was de hoofdstad van het oude Siam (het oude Thailand). Hierdoor staat de met een gracht omringde stad vol met oude tempels en gebouwen, de wats komen oorspronkelijk nog uit de tijd dat de Khmer regeerde. Enkel werd Siam vroeger veroverd door de Birmezen waarbij de wats, paleizen en forten van vroeger grotendeel verwoest zijn. Tegenwoordig zijn enkele wats gedeeltelijk gerestaureerd en de overige wats uitgegraven voor tentoonstelling. Wat ons voornamelijk opviel tijdens het bezoek aan de wats, was dat alle buddhabeelden hun hoofden misten en die waren nergens terug te vinden. Ra ra.

Daarnaast wordt ook hier een andere Thaise traditie in eer gehouden. Op Aziatische olifanten kan een stukje door de stad worden gereden. Voor ons was het heerlijk om deze compacte stad met de fiets te kunnen bezichtigen. Er was zelfs een heus park met oude watruïnes.

Na een korte treinrit vanuit Ayutthaya kwamen we de dag erna aan op het treinperronnetje van het dorpje Lop Buri. Lop Buri is bekend om zijn wats, het paleis en daarnaast vooral om de rondhangende apen die zeker niet mensenschuw zijn. De meeste toeristen (en dat zijn er niet veel) die deze plaats bezoeken doen dat meestal voor een middagje op hun reis van Bangkok naar Chaing Mai. Wij hebben hier een hele dag voor uitgetrokken met een overnachting in het dorp. In Lop Buri bevind zich het oude paleis van een van de koningen van het Siam rijk en fungeerde in die tijd als een van de voorsteden van Ayutthaya. Ter bezichtiging was het paleis opengesteld en wij zijn daar dan ook naar binnen gegaan. Heel bijzonder was het niet, maar we hebben hier wel de missende buddhahoofden teruggevonden. Daarna zijn we het dorpje doorgelopen om de bekende wats te zien. Ondertussen kwamen we de apengang van de stad tegen. Rennend over straat, hangend aan de straatlantarens, lopend over de elektriciteitskabels of gluren door het raam van de huizen, het maakte de apen niet uit en ze waren overal. Gelukkig hebben ze ons dit keer wel met rust gelaten. Na een middag bezichtigen hadden we het hele dorp gezien en konden we de volgende dag verder met de trein richting Lampang.

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!